De kredietcrisis, die deze maand een jaar geleden begon, is grotendeels en misschien wel helemaal te wijten aan kredietbeoordelaars. Bedrijven als Standard & amp; Poor's en Moody's, die obligaties van een rapportcijfer voorzien, gebruikten verkeerde modellen en hadden tegenstrijdige belangen.
Dat zei de Amerikaanse rechtenprofessor Frank Partnoy vrijdag in Amsterdam tegen een zaal vol kopstukken uit de Nederlandse financiële sector.
Partnoy, die elf jaar geleden faam verwierf met zijn bestseller F.I.A.S.C.O. Blood in the water on Wall Street, heeft geen goed woord over voor de bevoorrechte status van ratingbureaus, met name in de VS. Amerikaanse beleggers zijn vaak verplicht kredietoordelen in acht te nemen bij hun investeringsbeleid. Partnoy: 'Dat maakt beleggers lui. Ze kijken niet meer naar het product dat ze kopen, maar naar het stempel.'
De sector wordt gedomineerd door drie Amerikaanse bedrijven: Moody's, Standard & amp; Poor's en Fitch.
De kredietcrisis heeft wereldwijd geleid tot $ 400 mrd aan afschrijvingen bij banken. Het ging vooral mis met gestructureerde producten zoals 'collateralized debt obligation' (cdo's) op slechte Amerikaanse hypotheken. Deze gebundelde en herverpakte hypotheekobligaties kregen vaak het hoogst mogelijke kredietoordeel, mede omdat de beoordelaars bij het structureren betrokken waren. Achteraf moesten de beoordelaars de rating keihard afwaarderen. Partnoy: 'Zonder de topratings was er nooit een markt geweest voor cdo's gebaseerd op slechte hypotheken.'
De Bank voor Internationale Betalingen (BIB) riep de kredietbeoordelaars vrijdag op om de modellen voor het beoordelen van gestructureerde producten transparanter te maken.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.