Dit blijkt uit maandag verschenen onderzoek van de Rijksuniversiteit
Groningen.
& nbsp;& nbsp;& nbsp;& nbsp;
Van alle kaartjes die jaarlijks worden uitgegeven voor concerten,
theatervoorstellingen en sportwedstrijden komt slechts 3,7% terecht in het
circuit van bureaus die ze weer doorverkopen. Volgens onderzoeker Jelle
Bouma van de universiteit was op basis van Amerikaanse cijfers steeds
aangenomen dat het om 10% zou gaan. Er zijn in Nederland geen dominante
partijen die de markt ontwrichten.
Aftrek van onkosten& nbsp;
& nbsp;& nbsp;& nbsp;& nbsp;
Kopers ervaren de prijzen toch vaak als onredelijk, als ze bijvoorbeeld 55%
meer moeten dokken. Maar na aftrek van onkosten blijkt dat de
wederverkopers gemiddeld 11% winst maken.
& nbsp;& nbsp;& nbsp;& nbsp;
Dat de bureaus vaak een slechte naam hebben is volgens Bouma niet terecht.
Ze zorgen namelijk voor een doelmatige verdeling van de kaarten. 'Sommige
mensen zijn bereid om in een slaapzak in de rij liggen voor een officieel
verkooppunt, anderen kopen het kaartje liever later vanachter hun computer
tegen een hogere prijs.'
Offici& euml;le markt voor toegangskaarten& nbsp;
& nbsp;& nbsp;& nbsp;& nbsp;
De offici& euml;le markt voor dit soort toegangskaarten bedraagt in
Nederland ruim 3 miljard euro per jaar. Daaronder vallen dus niet de
schimmige zwarthandelaren om de hoek bij het stadion. Het onderzoek van
Bouma omvatte ruim 70.000 kaarten die voor honderd evenementen werden
verkocht.
& nbsp;& nbsp;& nbsp;& nbsp;
Het onderzoeksresultaten komen op een mooi moment. Woensdag vergadert de
Tweede Kamer over het onderwerp. De SP en het CDA hebben een initiatiefwet
ingediend die ervoor moet zorgen dat de kaartjes niet meer tegen een
woekerprijs mogen worden doorverkocht.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.