De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) kwam woensdag met een rapport over de Nederlandse economie. Volgens de OESO heeft Nederland met zijn fiscale maatregelen adequaat gereageerd op de economische crisis. Maar als gevolg daarvan verslechterden de overheidsfinanciën.
Een nieuwe regering heeft als 'meest cruciale doelen voor de lange termijn het verzekeren van de fiscale stabiliteit en het versterken van de potentiële groei', aldus de OESO.& nbsp; De organisatie adviseert de regering om aan de hand van de ambtelijke bezuinigingsvoorstellen die in april zijn gepresenteerd 'meer specifieke maatregelen' te formuleren. Als de economische groei meevalt moet de overheid 'bereid zijn om meer te bezuinigen'.
Huizensector
De OESO is kritisch over de Nederlandse huizenmarkt, deze belemmert de mobiliteit in Nederland wat weer bijdraagt aan de omvang van het& nbsp;woon-werkverkeer. De organisatie spreekt van& nbsp;een 'grote en rigide sociale woningbouwsector' in Nederland, die met een omvang van 35 % veel groter is dan in andere landen.
De OESO& nbsp;adviseert om de huren vrij te laten bij woningen die nieuw op de huurmarkt komen. Dat zou de sector ook interessant maken voor nieuwe investeerders, zoals pensioenfondsen. Verder zegt het dat huurcontracten een beperkte duur moeten krijgen om de huurprijzen daarna te kunnen aanpassen 'aan de markt'.
Een snellere methode om de huursector op te schudden zou zijn om de woningcorporaties zich alleen te laten richten op sociale huur en andere huurvormen over te laten aan de markt. Hiervoor moeten verhuurders van sociale woningen dan wel meer mogelijkheden krijgen om huurders te beoordelen en moeten huren in de vrije sector sneller aangepast kunnen worden.
Overdrachtsbelasting
Volgens de OESO moeten ook de aanschafkosten van een huis omlaag, om zo onder meer mobiliteit op de arbeidsmarkt& nbsp;te bevorderen. Er liggen nu drempels in de vorm van 'hoge transactieskosten en rigide woningbouwplanning, die ervoor zorgen dat aanbod en prijs niet op elkaar aansluiten'.
Lees een samenvatting van het OESO-rapport
De OESO noemt als maatregelen& nbsp;afschaffing van& nbsp;de overdrachtsbelasting en gelijktijdige verhoging van de belastingen voor eigendom van een huis. Een dergelijke maatregel was in andere landen lastig in te voeren, zegt de OESO. Het stelt als alternatief voor om de hypotheekrenteaftrek te verlagen en gelijktijdig de ozb-belasting te verhogen.
Het verlagen van subsidies in de woningmarkt zal de spanning op deze markt verlagen, aldus de OESO. Aanvullend zal hiervoor ook de woningbouwplanning aangepast moeten worden. De OESO vindt dat er meer ruimte is voor woningbouw in het Groene Hart.
Kilometerheffing
De OESO pleit verder voor invoering van de kilomterheffing, om zo de drukte op de wegen tegen te gaan. De organisatie zegt het te betreuren dat het plan van tafel is. Een kilometerheffing zou ook kunnen leiden tot nieuwe technologie die Nederland zou kunnen exporteren.
Pensioenfondsen
Nederlandse pensioendeelnemers moeten volgens de Oeso het recht krijgen om uit hun pensioenfonds te stappen, als deze een ‘persistent’ lage solvabiliteit heeft, of slechte beleggingsresultaten boekt. De oproep is opmerkelijk, omdat de Nederlandse wet dit nu verbiedt. Werknemers zijn verplicht om zich bij het pensioenfonds van hun werkgever aan te sluiten.
Wanneer er gehoor zou worden gegeven aan de oproep, kan dit grote consequenties hebben voor het Nederlandse stelsel van aanvullende pensioenen. Als het bijvoorbeeld de werknemers zijn die naar een ander pensioenfonds overstappen, komen er minder premies binnen en neemt de kans op herstel voor de gepensioneerde achterblijvers af.& nbsp; De kern van pensioenfondsen, namelijk dat de lasten collectief worden gedragen en verschillende deelnemers elkaars tekorten kunnen opvangen, wordt hiermee onderuit gehaald.
Meer over pensioenen op FD Selections
Tegelijk lopen (jonge) werknemers in pensioenfondsen met aanhoudend zwakke buffers grote risico’s. Wanneer de rechten van ouderen en gepensioneerden volledig gerespecteerd blijven, is het gevaar dat een deel van hun premies voorgoed naar de gepensioneerden gaat en zij hiervoor niet meer kunnen worden gecompenseerd – zij sparen dan in wezen voor de ouderen in het pensioenfonds en niet voor zichzelf.& nbsp;
De Oeso maakt niet expliciet hoe lang de fondsen in problemen moeten zijn voor de deelnemers kunnen uittreden. Wel is de Nederlandse situatie al langere tijd zorgelijk: sinds de val van Lehman zit een deel van de fondsen onder de vereiste dekkingsgraad – de verhouding tussen de aanwezige beleggingen en de uit te keren pensioenen - van 105%.
Dekkingsgraad
De Nederlandsche Bank maakte woensdag in zijn kwartaalbericht bekend dat de gemiddelde gewogen dekkingsgraad van de 600 Nederlandse pensioenfondsen op 25 mei 98% bedroeg. In het voorjaar van 2009, toen de beurzen een dieptepunt bereikten, zakte de gemiddelde dekking even naar 92%.& nbsp;
De OESO zegt verder dat het Nederlandse pensioenstelsel aangepast moet worden om ervoor te zorgen dat de fondsen aan hun betalingen kunnen blijven voldoen. De AOW-leeftijd moet hiervoor omhoog naar 67 jaar, aldus de OESO, en verder zal de indexatie verlaagd moeten worden in combinatie met hogere pensioenpremies. Volgens de organisatie moet Nederland na de verhoging van de AOW in een volgende aanpassing de pensioenleeftijd koppelen aan de veranderingen in levensverwachting.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.