'Wij verwachten een grote economische impuls', zegt Walter de Zeeuw, lid van de raad van bestuur van PricewaterhouseCoopers. 'Een boost voor de economie', zegt Jeroen Troost, commercieel directeur van BAM Utiliteitsbouw, onderdeel van Koninklijke BAM Groep.
PwC en BAM behoren tot de groep van 'official partners' van The HollandBelgium Bid, het voor het WK 2018/2022 opgerichte comité van de voetbalbonden van België en Nederland. 'Het is goed voor de economie, het geeft een impuls aan de infrastructuur', aldus het comité. Andere promotors zijn KLM, Randstad en ING.
Geen onderbouwing
Een onderbouwing van de economische 'boost' blijft vooralsnog uit. 'Het blijft een flauwe notie', erkent Troost van BAM. Hij verwacht vooral dat de hotel-, de leisure- en de eventsector een extra impuls zullen krijgen. Volgens Troost krijgt de utiliteitsbouw te maken met investeringen, die toch wel gedaan zouden worden. Hij doelt op de uitbreiding van stadions of de aanleg van een metroachtige verbinding tussen Rotterdam en Amsterdam. Troost: 'Mede met het oog op duurzaamheid, waar de Fifa bij deze WK-toernooien de nadruk op wil leggen, wordt niets gebouwd alleen voor het toernooi.'
Nederland krijgt maar één nieuw stadion: de nieuwe Kuip in Rotterdam, in België komt er meer nieuwbouw.
The HollandBelgium Bid is deze week druk om de Fifa te verleiden het WK voetbal 2018 of 2022 aan Nederland en België te gunnen. De twee organiseerden in 2000 het EK. Vandaag en morgen controleert de Fifa-inspectiecommissie in Nederland stadions, accommodaties en infrastructuur voor het WK. De afgelopen twee dagen deed ze dat in België.Op 2 december beslist de Fifa welke landen het WK in 2018 en 2022 mogen organiseren.
Macro-economisch voordeel voor WK-gastland 'verwaarloosbaar'
The HollandBelgium Bid en de betrokken bedrijven moeten met hun optimistische inschattingen opboksen tegen de kritische kanttekeningen uit de economenhoek. Dat was al dit voorjaar het geval, toen het instituut SEO in een door het ministerie van Economische Zaken gevraagd onderzoek concludeerde dat 'de financieel-economische baten van het WK voetbal in Nederland niet opwegen tegen de kosten.' Wel leidt het evenement tot 'meer gevoelens van trots, geluk, saamhorigheid en nationale identiteit. Als dit effect per Nederlander minstens euro 9 bedraagt en de kosten worden beperkt, dan kan het WK maatschappelijk rendabel zijn.'
The HollandBelgium Bid reageerde verstoord. 'En wie met enig verstand van zaken het stuk ter hand neemt, constateert al lezend dat de analyse op een aantal punten wel erg kort door de bocht gaat, incompleet of selectief is en soms gebaseerd is op onjuiste of achterhaalde aannames' , aldus de voetballobby. De Bid presenteerde in mei dan ook een eigen onderzoek, met als conclusie dat ' de kans zeer groot is dat de financieel-economische baten van het evenement voor ons land ruimschoots opwegen tegen de kosten'.
Econoom
Eergisteren maakte ook de Groningse econoom Elmer Sterken een kanttekening. Volgens de hoogleraar blijken de baten van het WK voetbal voor het organiserende land de afgelopen zeventig jaar telkens 'verwaarloosbaar' te zijn geweest. Dat is tegen de verwachting in, want het voetbalevenement zou meer economische activiteit moeten genereren door bijvoorbeeld een stijging van het consumentenvertrouwen, door effecten van nieuwe infrastructuur, een extra permanente stroom toeristen, innovaties. Maar extra groei is er rond die twintig WK's niet geweest, zo concludeert Sterken.
De organiserende landen houden er zelf wel netto geld aan over, evenals bedrijven die activiteiten verrichten in het kader van het WK-festijn. Dat erkent ook Sterken. 'De economische aandacht dient derhalve uit te gaan naar de bedrijfseconomische nettowinstgevendheid voor de organiserende instanties en niet zozeer naar de uitstralingseffecten op de macro-economie', zegt Sterken op de economensite Me Judice.
Duitsland
Duitsland zou als gastland in 2006 aan het WK euro 1,2 mrd netto aan extra belastinginkomsten hebben overgehouden. Het Federale Planbureau van België gaat uit van een plus van euro 1,1 mrd alleen voor België. De Bid hanteert voor Nederland en België samen schattingen van tussen de euro 350 mln en euro 1,5 mrd. Woordvoerder Rob de Leede erkent dat de marge groot is en dat het moeilijk is aan te geven wat de precieze opbrengsten zijn. 'Maar het gaat ons niet alleen om de financiën maar ook om de uitstraling van het land in de wereld, de impuls voor het voetbal.'
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.