Levitech uit Almere beschuldigt Solaytec, een spin-offbedrijf van TNO, van oneerlijke concurrentie. Het Eindhovense Solaytec zou op dubieuze wijze hebben geprofiteerd van overheidssteun.
Belastinggeld
Levitech heeft geklaagd bij het ministerie van Economische Zaken en doet nu een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur om inzage te krijgen in TNO-documenten. Zo probeert het erachter te komen of de onderzoekkosten van Solaytec vooral zijn betaald met belastinggeld. TNO ontvangt jaarlijks euro 200 mln van Den Haag.
Ceo Jaap Beijersbergen van Levitech vermoedt dat zijn concurrent hierdoor zijn product kan aanbieden onder een 'marktconforme' prijs. 'Zij maken gebruik van het marketingapparaat van TNO en kunnen zich dingen permitteren die wij ons niet kunnen veroorloven', aldus de baas van Levitech dat in 2009 werd afgesplitst van chipmachinefabrikant ASMI.
Appels en peren
TNO reageert gebeten op de beschuldigingen. Het klopt dat Solaytec een machine goedkoop heeft aangeboden. Maar het ging dan ook om een apparaat voor onderzoeksdoeleinden, zegt TNO-directielid Arnold Stokking, en niet om een productiemachine van meer dan euro 1,5 mln zoals Levitech lijkt te veronderstellen. 'We praten over appels en peren.'
TNO en Solaytec zeggen open te hebben gestaan voor samenwerking, maar ASMI en Levitech wilden daar niet op ingaan. De Eindhovenaren kregen overigens wel te horen dat ze met een interessante techniek bezig waren. 'Voor mij een aanmoediging om verder te gaan', zegt Stokking.
Onbegrijpelijk, vindt Ernst Granneman, chief technical officer van Levitech. Hij redeneert: als er in de markt geen vraag is naar diensten van TNO, dan moet deze instelling zich hieruit terugtrekken. 'Als de industrie, zoals ASMI, heeft gezegd: wij kunnen het beter zelf, wij hebben TNO niet nodig, moet je dan als overheidsinstituut toch doorgaan en zo'n bedrijf beconcurreren? Doe dan wat anders waar je goed in bent!'
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.