*

Peddelen op Bonaire | Het Financieele Dagblad
Inloggen
E-mailadres
Wachtwoord
Onthoud mij
Inloggen
 
persoonlijk

Peddelen op Bonaire

Haverkamp, A.
Saturday 04 February 2012, 00:00
Email-a-Friend
Naam ontvanger
E-mail ontvanger
Naam verzender
E-mail verzender
 

Meer over dit onderwerp

Bonaire staat bekend als ultieme bestemming voor duikers,maar je kunt op het eiland ook fantastisch snorkelen doorkleurige koraal­riffen en in een uitgestrekt mangrovegebied.Door Annemarie Haverkamp

De schildpad aarzelt. Even wil hij rechtsomkeert maken, maar dan steekt hij toch zijn nek uit en zwemt naar de oppervlakte. Hij lijkt zich bewust van de snorkelaars die zijn bewegingen volgen en met een camera vastleggen hoe zonnestralen zijn prachtige tekening onthullen. De schildpad steekt zijn kop boven water, neemt een hap lucht en zet zijn ronde lijf met twee slagen van zijn voorpoten vlug in beweging richting koraal. Gracieus zweeft het dier tussen paarse orgelpijpen, gele hersenkwabben en wuivende geweien om uiteindelijk op te gaan in het diepe blauw.

Al het water rond Bonaire is beschermd natuurgebied. Mede daardoor eindigt het eiland steevast hoog op ranglijsten van mooiste duikplekken ter wereld. Maar ook voor snorkelaars is het een walhalla. Voordeel van snorkelen boven duiken is dat je geen zuurstofflessen nodig hebt. Sjouwen hoeft niet, een wetsuit is overbodig; je stapt gewoon de golven in. Snorkelen is het luie duiken. Maar wie fanatiek is, ziet evenveel als duikers. Zeepaardjes, roggen, en zelfs de spookachtig gestreepte — en giftige — koraalduivel, die helemaal niet thuishoort in de Caribische wateren maar sinds 2009 een happende bedreiging vormt voor de kleine inheemse vissen op het rif.

Klein Bonaire, een eilandje voor de kust, is de mooiste plek om te snorkelen bij Bonaire. Het koraal is er van een ongekende schoonheid. Laat je vanaf een bootje in het water droppen en snorkel langs het rif terug naar het schelpenwitte strand van dit onbewoonde stukje tropisch Nederland. Leg je zoute lijf te rusten in de zon en verbaas je over wat je allemaal zag: een adelaarsrog, scholen doktersvissen, knagende papegaaivissen en verscholen murenen.

Een andere unieke snorkelspot is het uitgestrekte mangrovegebied Lac Bay aan de zuidoostkant van Bonaire. ‘De kraamkamer van de oceaan’, noemt gids Luuk Bastiaans dit begroeide stuk zee van 17 km2. Tussen de beschermende wortels van de mangrovebomen leggen vissen hun eitjes. Jonge vissen zijn hier relatief veilig; dikke roofvissen zwemmen zich hier klem. Bastiaans: ‘Het mangrovegebied is echt een kraamkamer voor de visstand.’

Per kajak leidt Bastiaans dagelijks kleine groepen toeristen rond door het mangrovebos waar alleen hij en een handvol andere gidsen van het Mangrove Info Center de weg kennen. Peddelaars moeten zich door uitgehakte tunnels in het dichtbegroeide drijvende woud worstelen om bij de enige plek te komen waar snorkelen geoorloofd is. Dan gaan de bootjes aan de kant en kunnen we vijftien minuten door een duikbril de mangrovewortels van dichtbij bekijken — langer mag niet, dan wordt het natuurlijk evenwicht te veel verstoord. Sponzen in de kleuren geel, oranje en paars groeien op de takken. Trossen oesters hangen onbeweeglijk op het roodgekleurde hout in deze ondiepe, bizarre onderwaterwereld. Als we weer in de kajaks klauteren, moeten we oppassen dat we niet op de ‘upside-down jellies’ gaan staan. De bodem ligt bezaaid met deze kwallen die hun tentakels naar boven reiken. Ze vangen zo veel mogelijk zonlicht om de algen te voeden die op hun buik groeien; op hun beurt leveren de algen voedingsstoffen aan de kwallen.

Niet alle schoonheid van Bonaire is onder water verstopt. Aan de westkust ligt Washington Slagbaai National Park, een natuurreservaat van ruim 5000 hectare met daarin voormalige plantages, koloniale nederzettingen en imposante rotsformaties. De weg ernaartoe slingert langs het Gotomeer, een spiegelend water omgeven door roodbruine aarde en cactussen. Pas op voor leguanen! Aan de donkere plekken op het hete asfalt te zien, schieten ze niet altijd op tijd weg voor autowielen.

De oostkust heeft Lagoen, een baai die op het eerste gezicht niet uitnodigt tot een bezoek. Maar het loont de moeite het autokerkhof en de hopen vuilnis langs de toegangsweg te negeren. De weg mondt uit in zee. Dit is het einde van de wereld; we zien fluorescerend roze flamingo’s hun trage stappen zetten. Adembenemende stilte.

In een pick-uptruck, de auto waarin eilandbewoners zich bij voorkeur verplaatsen, hobbelen we naar Kralendijk, de hoofdstad van Bonaire. Tijdens het regenseizoen, van oktober tot en met februari, betekent dit sturen langs en door immense plassen. ‘Bonaire, the island of the lakes’, grapte een Amerikaanse toerist eerder deze week toen hij op sandalen probeerde een volgelopen weg over te steken.

Rijdend over het eiland valt op dat het eiland de laatste jaren Nederlandser is geworden. Er is een fonkelnieuwe Albert Heijn. Links van de weg ligt Blokker, rechts staat een nieuw kantoor van de Hollandse Belastingdienst in de kleur van de enveloppen. Politiewagens, precies dezelfde als in Amsterdam of Delfzijl, draaien de weg op. Honderden bleke ambtenaren streken hier neer sinds Bonaire in oktober 2010 een ‘bijzondere gemeente’ van Nederland werd en de Nederlandse Antillen als bestuurseenheid opgeheven werden.

Toch kun je Bonaire geen Friet van Piet-eiland noemen. Naast de Antilliaanse sfeer — steelband, teenslippers, Papiaments — is ook de Amerikaanse invloed duidelijk zichtbaar. Budweiser bier in de cafés en pancakes op de ontbijtkaart; geserveerd met Van Gilse-schenkstroop, dat dan weer wel. En sinds januari 2011 heeft Bonaire de dollar als betaalmiddel. Door het nieuwe geld is het eilandleven wel duurder geworden, wat heeft geleid tot een morrende bevolking.

Maar de natuur wordt er niet anders van. Onder water verstilt alle opwinding. Kalm glijdt een barracuda voorbij.

Peddelaars worstelen zich door het dichtbegroeide drijvende woud om bij de enige plek te komen waar snorkelen in de mangrove geoorloofd is.

Van bovenaf: voormalig slavenhuisje bij het Pekelmeer; grotten bij Boca Onima; Sorobon, dé plek om te surfen; Bonaire heeft een van de grootste flamingopopulaties ter wereld.

De schildpad aarzelt. Even wil hij rechtsomkeert maken, maar dan steekt hij toch zijn nek uit en zwemt naar de oppervlakte. Hij lijkt zich bewust van de snorkelaars die zijn bewegingen volgen en met een camera vastleggen hoe zonnestralen zijn prachtige tekening onthullen. De schildpad steekt zijn kop boven water, neemt een hap lucht en zet zijn ronde lijf met twee slagen van zijn voorpoten vlug in beweging richting koraal. Gracieus zweeft het dier tussen paarse orgelpijpen, gele hersenkwabben en wuivende geweien om uiteindelijk op te gaan in het diepe blauw.

Laat je vanaf een bootje in het water droppen en snorkel langs het rif terug naar het strand

Bonaire ligt op ongeveer tien uur reistijd van Schiphol. KLM en ArkeFly vliegen met een tussenstop op Aruba of Curaçao naar het Nederlandse eiland. In het regenseizoen (oktober t/m februari) is Bonaire prachtig groen. Nadeel is dat ook muggen van vochtig weer houden. Sprayen, dus.

De beste plek om te verblijven is hoofdstad Kralendijk. Via bonairebungalows.com zijn comfortabele villa’s en appartementen te huur. De Harbour Village Beach Club biedt luxe hotelkamers direct aan zee.

Vanaf Kralendijk varen watertaxi’s naar Klein Bonaire. Bonaire is een paradijs voor onderwaterliefhebbers, omdat je gemakkelijk de zee inloopt. Een boot huren is niet nodig; de riffen liggen ondiep. Op stinapa.org vindt u meer informatie over duiken en de natuurgebieden van Bonaire.