Leon Willems en Martin Visser
Brussel/Den Haag
De ministers van financiën van de eurolanden sluizen de winst van de centrale banken op Griekse staatsobligaties door naar Griekenland. De bijdrage van centrale banken kan oplopen tot € 15,5 mrd.
De ministers van financiën sloten gistermorgen een akkoord over de redding van Griekenland, na bijna veertien uur onderhandelen. Ze stemden in met het verstrekken van een tweede noodlening van € 130 mrd, nadat toezeggingen van de banken en centrale banken de Griekse staatsschuld naar hun oordeel tot beheersbare proporties had gereduceerd.
De banken incasseren meer verlies dan eerder overeengekomen. Ze zouden eerst lopende staatsobligaties inleveren in ruil voor nieuwe stukken die 50% minder waard zijn. Dat percentage is nu opgeschroefd naar 53,5%. Daarbij krijgen de banken een lagere rente op de nieuwe obligaties, waardoor hun totale verlies uitkomt op circa 74% van de netto contante waarde.
De banken moesten extra verlies nemen om de Griekse staatsschuld verder omlaag te krijgen. De schuld dreigde in 2020 op het onhoudbare niveau van 129% van het bbp uit te komen. Dankzij extra schuldsanering wordt nu een schuld van 120,5% voorzien.
Centrale banken dragen ook bij door middel van de staatsobligaties die zij in bezit hebben. De verwachting is dat zij € 3,5 mrd aan winsten aan de eurolanden zullen doorsluizen. Die winst geven eurolanden door aan Griekenland. De Europese Centrale Bank rekent op een koerswinst van € 12 mrd. Die geven lidstaten aan de Grieken door in de vorm van een lagere rente op de eerdere noodleningen.