Jeroen Koot
Amsterdam
De ov-bedrijven die hebben geïnvesteerd in de ov-chipkaart, willen hun geld terugzien. Bij elkaar vragen de vervoersbedrijven bijna € 164 mln terug, plus een opslag van 7% tot 10%. Deze kosten komen uiteindelijk voor rekening van de reiziger of de belastingbetaler, bijvoorbeeld door een lichte opslag op het reistarief.
Gisteren brachten vier vervoersbedrijven een brief naar buiten met hun ideeën over de ov-chipkaart. Deze bedrijven, de NS en de openbaar vervoersbedrijven van Rotterdam, Amsterdam en Den Haag (RET, GVB en HTM) zijn de aandeelhouders van Trans Link Systems (TLS), het bedrijf dat de ov-chipkaart uitgeeft.
Volgens de vervoersbedrijven kostte de ontwikkeling van de kaart veel meer dan begroot en duurde de invoering ervan bijzonder lang. De aandeelhouders moesten hierdoor veel betalen.
Nu de chipkaart in heel Nederland is ingevoerd, vinden de bedrijven het tijd om afstand te nemen. Ze stellen dat TLS zelf rond kan komen uit de inkomsten uit de ov-chipkaart, en dat het dus mogelijk is om hun kapitaalstortingen terug te vragen. Het gaat om € 163,8 mln, waarbij de bedrijven over de eerste € 23 mln een rente vragen van 10%. Het aanvullende deel moet een rendement geven van 7%.
‘Dit is helemaal geen hoge rente’, zegt Pedro Peters, directeur van het Rotterdamse vervoersbedrijf RET. ‘Het gaat om een bedrag dat we over een periode van twaalf jaar terugvragen. En we willen ook over een lagere rente praten, als we absolute zekerheid hebben dat we het geld terugkrijgen.’
De aandeelhouders willen ook af van hun huidige positie. Nu is de kaart in principe van de vier vervoersbedrijven, met als gevolg dat andere vervoerders de afgelopen tijd meerdere klachten uitten over de hoge prijzen. Zo stellen vervoersbedrijven Veolia en Connexxion dat een aanschafprijs van € 7,50 per kaart veel te hoog is. De aandeelhouders zouden zo een deel van de hoge ontwikkelkosten proberen terug te verdienen.
‘Niets van waar’, reageert Peters. ‘We hebben geen euro aan de ov-kaart verdient, en dat willen we ook niet.’ Hij stelt voor dat alle vervoersbedrijven aandeelhouder worden, zodat bedrijven meer kunnen doen dan vanaf de zijlijn te roepen dat de huidige aandeelhouders zichzelf verrijken. De bedrijven hoeven geen kapitaalstortingen te doen.
De ov-chipkaart geeft al langer gedoe. De reiskaart voor het hele openbaar vervoer zou al in 2008 af zijn. Maar door vele problemen werd de kaart duurder en de opleverdatum werd opgeschoven. Pas eind vorig jaar werd de kaart verplicht in alle bussen, trams en metro’s, en eind dit jaar moet de kaart het treinkaartje vervangen.