Londense bankiers Marius Brinkhorst en Tjalling Halbertsma maken barre tocht naar Noordpool
Joost van Mierlo
Londen
Twee mannen op een zondagochtend. Ze zeulen een met hout en zakken zand verzwaarde autoband door het Londense Richmond Park. Herten kijken meewarig toe. De twee zijn bankier in de City. Marius Brinkhorst (zoon van oud-minister Laurens-Jan) geeft leiding aan het Nederlandse team van zakenbank Morgan Stanley. Tjalling Halbertsma is bij hedgefondsbedrijf Man Group verantwoordelijk voor de institutionele klanten in Nederland.
En die herten zijn eigenlijk rendieren. In ieder geval in de ogen van Brinkhorst en Halbertsma. Ze zijn bezig met de voorbereiding van een tocht naar de Noordpool. Vandaag vertrekken ze, over een week verwachten ze aan te komen.
Het idee is van Halbertsma. 'Ik ben van jongs af aan gefascineerd door de Noordpool. Die ijsmassa, om op de top van de wereld te staan, sprak me altijd al aan. Zo'n tien jaar geleden hoorde ik van de mogelijkheid om deel van een expeditie uit te maken. Vanaf een basisstation in het Russische deel van de Noordpool wordt in een dag of zeven naar de Noordpool gelopen. Met professionele begeleiding. Dat leek me haalbaar.'
Maar het kwam er al die jaren niet van. Een drukke baan natuurlijk, en andere prioriteiten. Maar afgelopen zomer ging er een knop om. Halbertsma: 'Als gevolg van de kredietcrisis ging ik op een andere manier naar mijn baan kijken. Zo'n crisis relativeert wat je aan het doen bent. Ik besefte dat het niet goed was om mijn dromen almaar uit te stellen. En de klimaatverandering speelt een rol. Toen ik tien jaar geleden naar de expeditie keek, was er een periode van acht weken waarin de tocht gemaakt kon worden. Inmiddels is dat vier weken geworden. In de periode daarvoor is het gewoonweg te koud, daarna is het ijs te dun.'
Halbertsma benaderde een aantal vrienden, waaronder Brinkhorst. Deze was direct gecharmeerd van het idee. 'Het is iets dat je slechts eenmaal van je leven kunt meemaken. En over tien jaar kan het misschien niet meer. Ik was gegrepen door de uitdaging.'
Want een uitdaging is het. De winter mag dan voorbij zijn, het kan nog steeds ongelooflijk koud worden. Minus 20 graden als het meezit, maar ook minus 40 is mogelijk. En dan moet er nog rekening worden gehouden met de wind, die in het barre Noorden altijd een rol speelt. En faciliteiten zijn er niet. Brinkhorst: 'De Russen leggen ieder jaar op de 89ste breedtegraad een basisstation aan. Vandaar uit vertrekken we voor de Last Degree. Dat gaat allemaal op ski's en met sleetjes met veertig kilo bagage. Daarvoor hebben we de afgelopen maanden ook zo hard getraind.'
Het mag dan een barre tocht zijn, een doldriest avontuur is het niet. Het team van acht personen waar Halbertsma en Brinkhorst deel van uitmaken, staat onder leiding van de ervaren poolreiziger Marc Cornelissen. Brinkhorst: 'Die wilde ons eerst ontmoeten voordat hij akkoord ging met onze deelname. Afgelopen herfst zijn we op het strand bij Hoek van Holland bij elkaar gekomen. Daar hebben we geoefend met verzwaarde sleetjes. En gesprekken gevoerd. Want gedurende zeven dagen ben je helemaal op elkaar aangewezen.'
Doordouwers, dat is wat Cornelissen nodig heeft. Dieselmotoren die misschien langzaam op gang komen, maar daarna niet te stoppen zijn. Zowel Brinkhorst en Halbertsma behoren tot deze categorie. Ze zijn ervaren skiërs, maar hebben bijvoorbeeld ook allebei in de afgelopen jaren de marathon van New York gelopen.
De kou en daardoor bevriezing is het grootste gevaar. Vooral handen en voeten zijn kwetsbaar. Halbertsma: 'We hebben een duidelijke afspraak gemaakt. We zullen elkaar zoveel mogelijk ondersteunen, maar als iemand zelfs maar heel lichte bevriezingsverschijnselen heeft, gaat hij terug. Marc is degene die beslist. Er is geen discussie mogelijk.' Als een probleem zich voordoet,komt een helikopter.
De tocht zelf is 120 kilometer lang. Per dag leggen ze ongeveer twintig kilometer af. Hoogteverschil is er nauwelijks op de ijsvlakte, maar dat wil niet zeggen dat de reis een geëffend pad heeft. Zo zullen er grote stukken open water zijn. Brinkhorst: 'Soms kun je er omheen lopen, soms moet je er doorheen. Daarvoor hebben we een rubberen boot bij ons.'
Omdat niet altijd duidelijk is hoe dik het ijs is, is de kans aanwezig om er doorheen te zakken. 'Ook dat is natuurlijk gevaarlijk met de kou. We weten in ieder geval dat we niet meteen droge kleren aan moeten trekken. Eerst moeten we flink rondlopen om het water met onze lichaamswarmte te verdampen. Daarna kunnen we ons in een tent verkleden.'
En dan is er natuurlijk nog het gevaar van ijsberen. Halbertsma: 'We hebben geweren bij ons en een soort vuurpatronen. Maar de kans dat we ijsberen tegenkomen is niet groot. Het is met deze reis als met ons dagelijks bestaan. Het gaat om de afweging van risico en rendement. Het verwachte rendement is in dit geval aanzienlijk hoger dan het risico.'
www.poletrack.com/north-pole-expedition-updates; www.justgiving.com/mariusbrinkhorst; www.justgiving.com/tjalling-halbertsma
Goede Doelen
Klimaat & onderwijs
Brinkhorst en Halbertsma verzamelen met hun tocht geld bij vrienden en kennissen voor door henzelf uitgezochte goede doelen. Brinkhorst heeft £ 20.000 bijeengegaard voor een onderwijsproject in Oeganda. Halbertsma steunt een fonds dat wetenschappelijk onderzoek in het poolgebied doet. Hij heeft al ruim £ 19.000 verzameld. Donaties zijn nog altijd mogelijk.
Tjalling Halbertsma (l) en Marius Brinkhorst oefenen voor pooltocht in Richmond Park.