Vasco van der Boon en Gerben van der Marel
In de vastgoedfraude jeukten de handen van de officieren om te reageren op 'ongefundeerde verdachtmakingen' van advocaten. Jan van V. blijft er koud onder.
Haarlem
Het proces is in deze fase vooral een droge krachtmeting tussen juristen. Maar officier Robert Hein Broekhuijsen richtte zich gisteren toch even tot de hoofdverdachte.
'Dat de heer Van V. in De Telegraaf zei dat hij zich door de Belastingdienst geflikt voelt!' Broekhuijsen slikte woorden in maar voegde iets toe aan zijn tekst op papier: 'Geflikt? Dat is nogal een..., ik word hier vrij opgewonden van. Als je als verdachte betrapt wordt met de handen in de suikerpot, terwijl je honderd miljoen steelt... Althans, dat is het vermoeden', haastte hij zich erbij te zeggen. Jan van V., die de gewraakte zin vorige week sprak op de gang van de rechtbank, verroerde zich niet.
Eerder las de officier een verslag voor uit een proces-verbaal over de eerste en enige confrontatie van Van V. met de Belastingdienst. Dat was op 5 september 2005. Een dag die de intelligente ex-Bouwfonds-directeur zich zal herinneren.
'Van V. vroeg ons wat het doel van onze komst was', aldus de belastingman. 'Ik vertelde hem dat de Belastingdienst vastgoed projectmatig onderzocht en dat we zijn bedrijven hadden uitgekozen vanwege signalen binnen de Belastingdienst. Ik merkte dat Van V. zich niet heel erg op zijn gemak voelde. Hij wilde graag de precieze aanleiding van het onderzoek weten. Hier zijn we niet op ingegaan.'
Van V., in donkerblauw double-breasted pak, rode das en voor de verandering met bril leek ook dit onbewogen aan te horen. Na afloop schuifelde hij weg met een ogenschijnlijk vrijwel leeg kunststoffen blauw schoudertasje.
Ook in zijn tijd als succesvol vastgoedman droeg de ex-Bouwfondsdirecteur weinig mee. 'Op zijn bureau liggen nooit papieren. Zijn onafscheidelijke koffer is altijd leeg', bezwoeren mensen die er een blik in konden werpen.
Zonder het Van V. te melden, vermoedde de Belastingdienst, behalve belastingontduiking, ook corruptie. Er was al contact met het OM over eventuele opsporing. Maar het opsporingsonderzoek begon in de visie van het OM pas toen Broekhuijsen zelf de zaak aannam in september 2006.
Het OM onderstreepte dat de fiscus zijn werk mag blijven doen nadat een verdenking is gerezen. Hij mag behulpzaam zijn bij de opsporing. De fiscus mag niet 'uitsluitend' voor speurders werken.
De officieren kruisten de degens vooral met advocaat Willem Koops van de hoofdverdachte. Hij beticht OM en de fiscus van 'illegale en volstrekt oncontroleerbare' opsporing. Aan het eind van de dag liepen de gemoederen zo flink op.
Het OM noemt het 'zuur' dat de verdediging 'voortreffelijke' belastingambtenaren neerzet 'als figuren die in plaats van de verdachten in het verdachtenbankje thuishoren. Volgens de verdediging zouden ze hebben gelogen en bedrogen alleen maar om de verdachten een oor aan te naaien en ze op illegale wijze in de cel te krijgen.'
Onzin, zei Broekhuijsen. 'In een aan tunnelvisie neigende hardnekkigheid houdt de verdediging vast aan haar theorie dat Belastingdienst werkte voor de opsporing. Hiervoor is geen snipper bewijs.'
Het OM zegt meestal van fraudeverdachten te horen dat ze worden vervolgd in een fiscale kwestie die niet bij de strafrechter thuishoort. Nu zeggen de advocaten het omgekeerde, aldus het OM.
Van V. moet verplicht aanwezig zijn. Veelal wordt hij met rust gelaten. Officier Thomas Bosch sneerde naar Van V. toen de fiscale kant van diens belegging in de film-cv 'Hungry Eye' ter sprake kwam. What's in a name, zei Bosch. De door partners als 'gigageldwolf' omschreven vastgoedman keek onbewogen. Als alle procesdagen.
'Geflikt? Als je betrapt wordt met
de handen in de suikerpot'
'Geflikt? Als je betrapt wordt met
'Complottheorieën'
Volgens het OM ventileert advocaat van Van V. 'nergens op slaande complottheorieën' als hij een anonieme notitie van de Belastingdienst over corruptie van Van V. koppelt aan prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn. De notitie noemt de hoofdverdachte in één adem met 'het doorsluizen van gelden naar dochter/schoonzoon'. Margarita en haar ex, volgens de advocaat. OM weigert nader onderzoek.