*

Permanente oliecrisis | Het Financieele Dagblad
Inloggen
E-mailadres
Wachtwoord
Onthoud mij
Inloggen
 
optiek

Permanente oliecrisis

Koppelaar, R.
Tuesday 20 May 2008, 01:00
Email-a-Friend
Naam ontvanger
E-mail ontvanger
Naam verzender
E-mail verzender
 

Meer over dit onderwerp

Dure olie vertraagt de economie, consumptie daalt. De opmars van de olieprijs is nog lang niet in zicht. Op langere termijn zwakt de prijsstijging af. Aldus drie deskundigen. Lezers zien een probaat middel, nieuwe records en een voordeel.

Rembrandt Koppelaar

Onze maatschappij moet snel minder afhankelijk worden van olie om economische rampspoed te voorkomen. Stevig inzetten op oliebesparing, elektrisch aangedreven auto's, duurzame biobrandstoffen en plastics gemaakt uit natuurproducten zijn voor het behoud van onze welvaart daarom hard nodig.

De wereldproductie van olie steeg nauwelijks in de afgelopen twee jaar, terwijl de vraag wel met meer dan 1% per jaar toeneemt. Geen wonder dus dat de olieprijs steeg van - omgerekend - euro 23 in 2003 naar de huidige euro 80 euro per vat. Krapte op de oliemarkt zal nog erger worden, omdat de wereldwijde olieproductie de komende vijf jaar hoogstwaarschijnlijk haar maximum bereikt en kort daarna begint te dalen. In steeds minder landen kan de olieproductie namelijk nog stijgen.

De meeste olielanden hebben te kampen met een stabiele of dalende productie. Zo werden er 2,3 miljard vaten olie uit de Noordzee gewonnen in 2000. Nu, acht jaar later, beslaat de productie nog maar 1,5 miljard vaten - 1 vat = 159 liter.

Ook oliegigant Rusland kan sinds kort bij de dalers worden gerekend. De productie is vanaf juli 2007 stabiel en daalde in de afgelopen drie maanden. Dat de situatie in de oliemarkt zal verslechteren, blijkt uit studies van het gezaghebbende Internationaal Energie Agentschap (IEA). Om de dalingen van de olieopbrengst van alle oude velden, die hun olieproductiepiek al achter de rug hebben, te compenseren, moeten er maar liefst 1,5 miljard vaten olie per jaar bij komen uit nieuwe olievelden. Op een jaarlijkse wereldproductie van 31 miljard vaten is dat een gigantische hoeveelheid.

Het IEA waarschuwt dan ook voor een mogelijk mondiaal olietekort tegen 2012, omdat de benodigde olieproductie niet in de pijpleiding zit. De redenen zijn uiteenlopend, van politieke instabiliteit in Irak en Nigeria, een gebrek aan investeringen in de olieproductie in Rusland en het Midden-Oosten tot het langzaam opraken van de gemakkelijk winbare olie in de meeste landen. We vinden wereldwijd al twee decennia lang jaarlijks minder olie dan we produceren. Anders gezegd, we teren in op olievelden die ontdekt zijn in de periode 1940-1980.

Ruim aanwezige onconventionele oliebronnen, zoals de Canadese teerzanden, bieden geen soelaas. Naar verwachting van de olie-industrie zal de productie van deze onconventionele bronnen in 2020 hoogstens 3,7 miljard vaten per jaar bedragen, tegen een huidige productie van 1,3 miljard vaten.

Het opvoeren van de olieproductie gaat zo traag door sterke productielimieten. Er zijn enorme hoeveelheden aardgas, water, mankracht en materieel nodig, terwijl hier juist vaak een tekort aan is in de wingebieden. Zo schreven de energieanalisten van de Amerikaanse Cambridge Energy Research Associates in een recent rapport dat een chronisch tekort aan olie-ingenieurs zal zijn ontstaan in 2010. Voor het oplossen van deze problemen is vooral veel tijd nodig, tijd die we juist niet hebben. Bovendien gaat de productie van onconventionele olie gepaard met een veel hogere CO2-uitstoot. Canada zal de groei van zijn teerzanden flink moeten afremmen als hij zich wil houden aan internationale klimaatverdragen.

Om het probleem van de torenhoge olieprijs op te lossen moeten we ons realiseren dat de krapte op de oliemarkt niet een simpel investeringsprobleem van tijdelijke aard is, maar een aanhoudende krapte die met de tijd erger wordt. Het einde van de opmars van de olieprijs is nog lang niet aangebroken. Pas wanneer er voldoende vraaguitval optreedt, doordat steeds meer mensen - bijvoorbeeld - hun auto laten staan, of als er een goedkoper en breed toepasbaar alternatief wordt gevonden, zal de prijsstijging ophouden. Dat laatste duurt nog minstens tien jaar, wat betekent dat een olieprijs van euro 150 à 200 in het verschiet ligt, met alle economische gevolgen van dien.

Rembrandt Koppelaar is voorzitter van Peakoil Nederland en medeauteur van het boek 'De permanente oliecrisis' dat op 5 juni bij Nieuw Amsterdam verschijnt.

We vinden wereldwijd al twee decennia lang jaarlijks minder olie dan we produceren