*

Renteaftrek en realiteitszin | Het Financieele Dagblad
Inloggen
E-mailadres
Wachtwoord
Onthoud mij
Inloggen
 
optiek

Renteaftrek en realiteitszin

Brink, R.G.C. van den
Saturday 05 June 2010, 01:00
Email-a-Friend
Naam ontvanger
E-mail ontvanger
Naam verzender
E-mail verzender
 

Meer over dit onderwerp

Dolf van den Brink

Westerse wereld blijft ogen sluiten voor feit dat ze al 15 jaar ver boven haar stand leeft

Politieke partijen buitelen de laatste weken over elkaar heen om aan te tonen dat hun programma's nauwelijks of geen koopkrachtverlies betekenen. Op zichzelf is dit vlak voor de verkiezingen wel begrijpelijk, maar volgens mij houden we ons hierbij allemaal voor de gek.

De bezuinigingsvoorzet van het Centraal Plan Bureau is namelijk gebaseerd op toekomstige economische groei. Hierdoor worden wij geacht onszelf als het ware uit het probleem te groeien. Er wordt echter helemaal geen rekening gehouden met een verdere krimp. En dit is volgens mij hopeloos wishful thinking.

Als er iets is aangetoond de afgelopen tijd, is het dat de echte kredietcrisis nog niet eens is begonnen. Waren het in 2008 de banken die de crisis startten, in 2009 volgden de reële economie en nu starten de overheden. En nu begint het pas écht.

Dit alles staat niet op zichzelf. Na een langdurige periode van voorspoed in de jaren tachtig en met name negentig van de vorige eeuw zijn de financiële markten volledig op hol geslagen en is er een explosie van schuldvorming opgetreden. Was de verhouding totale financiële activa in de wereld (aandelen, bedrijfsobligaties, overheidsobligaties en bankbalans) tot het wereldwijde nationaal inkomen in 1980 1:1, in 2007 was het 4:1 en nu gaat het naar 5:1. En dat is veel meer dan een economie langdurig kan dragen.

Verklarende factoren dienen te worden gezocht in de lange golf van voorspoed tot neergang die in het verleden aan het eind van de opgang altijd tot deze schuldexplosies heeft geleid. Maar deze keer is het, als nooit tevoren, uit de hand gelopen. Een verklarende factor hiervoor ligt waarschijnlijk in de ongekende begrotings- en betalingsbalanstekorten in de VS sinds de jaren zeventig. Dit heeft geleid tot een explosie van liquiditeit in de wereld die in allerlei balansen is neergeslagen.

Dat dit niet tot hoge inflatie in de wereld heeft geleid wordt weer veroorzaakt door de ongekende groei in het Verre Oosten die de wereld heeft overspoeld met goedkope producten en arbeid. Uiteindelijk kan dit alles echter leiden tot hyperinflatie, maar nu nog even niet! Dit 'even' kan overigens nog wel enkele jaren duren.

Wat is er namelijk aan de hand? De schuldvorming is zó groot geworden dat het vertrouwen in het financiële systeem aan het verdwijnen is, en daarmee zakt de omloopsnelheid van het geld. Hierdoor ontstaat de zogenaamde liquidity trap zoals we die in Japan sinds de jaren negentig hebben gezien. De toename van de geldhoeveelheid wordt ongedaan gemaakt door een daling van de omloopsnelheid van het geld, hetgeen uiteindelijk tot deflatie kan leiden.

Kijkend naar het landschap voor ons, zitten wij dicht bij een deflatoire ontwikkeling. De maatregelen die over landen in het zuiden van Europa zijn uitgestort leiden tot een krimp aldaar en maken het zeer waarschijnlijk dat ze een deel van hun bestaande schuld niet zullen terugbetalen.

Dat leidt tot afboekingen bij de vele beleggers, zoals banken, verzekeraars, pensioenfondsen en nu ook andere overheden. Dit kan tot een zichzelf versterkende spiraal omlaag uitgroeien.

We dienen derhalve serieus rekening te houden met een volgende zware recessie in de komende drie à vier jaar, en daar wordt in de huidige bezuinigingsplannen helemaal geen rekening mee gehouden.

Probleem is dat de westerse wereld nog steeds niet wil erkennen dat ze waarschijnlijk al vijftien jaar vér boven haar stand leeft. De reële rente is al langdurig veel te laag en er wordt veel te veel geleend. De boodschap is dus duidelijk: we moeten met zijn allen inleveren en niet een paar procent maar 10% à 20%. En als we dat niet gestructureerd doen, zal de markt ons daartoe dwingen en dan wordt het knap ongezellig!

Een goed voorbeeld van gebrek aan realiteitszin is de discussie over de aftrek van hypotheekrente. Binnen afzienbare tijd zullen we deze moeten aanpassen of afschaffen omdat we het geld hard nodig hebben. Het feit dat daardoor de huizenprijzen dalen, is juist een reden.

De laatste twintig jaar zijn de huizenprijzen veel harder gestegen dan de inflatie. Een van de belangrijke redenen ligt in de explosieve groei van hypotheken, en dat wordt weer veroorzaakt door het toenemend belang van de renteaftrek.

Deze dient echter geen enkel doel meer. Inmiddels wordt vrijwel iedereen gesubsidieerd ten aanzien van zijn woonlasten, wat de belasting nodeloos hoog houdt. Een belangrijk bijeffect is dat een paar generaties hier aanzienlijk van hebben geprofiteerd, maar ongeveer de helft van de huidige populatie - namelijk de mensen die nog geen eigen huis hebben - nu nauwelijks meer aan de bak komt. In wezen wordt deze renteaftrek steeds asocialer.

Hij dwingt nieuwe generaties veel te veel voor hun huis te betalen, en vroeg of laat gaat die aftrek er toch aan en zullen ze met grote potentiële vermogensverliezen worden geconfronteerd. Hoe langer we dus wachten met afschaffen, hoe groter deze groep en hoe asocialer het wordt.

Partijen die hier niet eens over willen nadenken, ontberen financieel-economisch inzicht en politieke moed.

Prof. dr. R.G.C. van den Brink is hoogleraar Financial Institutions aan de Universiteit van Amsterdam.

Illustratie: Hein de Kort