Dennis Vink
Toezichthouders de Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zijn druk doende om het toezicht op de Nederlandse financiële markt te verbeteren. Maar ondanks alle inspanningen komen woningbouwcorporaties en provincies tegelijkertijd negatief in het nieuws door onverantwoord hoge financiële risico’s te nemen.
Dat is na de financiële crisis niet meer goed uit te leggen aan de belastingbetaler. Daarom moet er kritisch gekeken worden naar de kerntaken van beide toezichthouders. Met als doel de AFM op te heffen en het toezicht geheel bij DNB te leggen.
Op grond van de Wet op het financieel toezicht (Wft) zijn in Nederland DNB en AFM als toezichthouders aangewezen. Volgens de website van AFM zijn haar taken gericht op gedragstoezicht en behelzen de taken van DNB het prudentieel toezicht. Men mag zich in de praktijk echter ernstig afvragen hoe dit werkt.
Om Vestia als voorbeeld te nemen: dit is een woningcorporatie die onbehoorlijke risico’s neemt door meer dan € 20 mrd in derivaten te beleggen. In de Wft is de Europese richtlijn Markets in Financial Instruments Directive (Mifid) geïmplementeerd. Deze laatste voorziet in een verscherpt toezicht om ervoor te zorgen dat afnemers van derivaten getoetst worden op hun geschiktheid om de risico’s van dergelijke producten te begrijpen.
De vraag luidt dan welke toezichthouder verantwoordelijk is voor het toezicht op het beleggingsbeleid van Vestia? Is dat AFM, omdat het slecht is gesteld met het gedrag van de betreffende bestuurders van de corporatie? Of DNB, omdat Vestia niet op eigen houtje aan haar beleggingsverplichtingen kan voldoen? Of ligt de verantwoordelijkheid wellicht volledig bij de overige externe toezichthouders op wooncorporaties: het ministerie van Binnenlandse Zaken of het Centraal Fonds Volkshuisvesting?
Indien dat laatste overigens het geval is, dan is het bewaken van de financiële stabiliteit in Nederland door AFM en DNB een utopie, omdat gewaarborgd specialistisch toezicht dan niet kan worden gegarandeerd. Het probleem kan dan zijn dat het takenpakket van beide toezichthouders overlap vertoont. Het risico bestaat dan dat beide toezichthouders ervan uitgaan dat de ander aan zet is. Met als resultaat dan geen van beide adequaat handelt.
In het Verenigd Koninkrijk wordt de Financial Services Authority, het equivalent van de Nederlandse AFM, in 2012 opgeheven waarbij hun taken in hoofdzaak worden overgeheveld naar de Bank of England, de Britse centrale bank. Door de politiek werd de scheiding tussen beide toezichthouders namelijk aangewezen als een van de oorzaken van het eerdere falen van het toezicht.
Het zou ervoor pleiten dat in Nederland een vergelijkbare stap wordt gezet door AFM op te heffen en aan DNB het volledige pakket van toezicht te geven zodat ook hier een eenduidig toezichtsbeleid wordt gecreëerd. Zo krijgt DNB de kans om de door haar op de website beloofde missie ‘bij te dragen aan de welvaart van Nederland’ ook daadwerkelijk te laten gelden.
Dr. Dennis Vink is director Center for Finance en als associate professor of finance verbonden aan Nyenrode Business Universiteit
In het VK werd het equivalent van de AFM na de crisis overgeheveld naar de Bank of England