*

Partij voor het Verval van Nederland | Het Financieele Dagblad
Inloggen
E-mailadres
Wachtwoord
Onthoud mij
Inloggen
 
column

Partij voor het Verval van Nederland

Bouman, M.
Wednesday 11 January 2012, 00:00
Email-a-Friend
Naam ontvanger
E-mail ontvanger
Naam verzender
E-mail verzender
 

Meer over dit onderwerp

Mathijs Bouman

Ze zijn niet tegen korten op pensioenen. Nee, bij de PVV zijn ze er ‘faliekant’ op tegen. Het is onnodig en dom om pensioenuitkeringen te verlagen, zoals de Nederlandsche Bank eist. Pensioenfondsen hebben voldoende buffers om een tijdelijke onderdekking op te vangen, stelt de Partij voor de Vrijheid op haar website. Dat dekkingstekort komt door ‘afwachtende beurzen’ en door boekhoudkundige regels die een kunstmatig lage rekenrente voorschrijven. Als we die regels tijdelijk buiten werking stellen, is het probleem opgelost. Want, zo schrijft de PVV, ‘mensen mogen nooit de dupe worden van papieren regels’. (Ergens in Eindhoven slaakt Mauro een zucht van verlichting.)

Daarom vragen de PVV-Kamerleden Ino van de Besselaar en Geert Wilders aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Henk Kamp om, ‘gedurende de duur van de crisis in Europa samen met de sociale partners af te spreken dat tijdens die periode geen korting op pensioenen zal plaatsvinden’. De partij wil dus dat er voor onbepaalde tijd — want wie weet hoe lang de crisis nog duurt — een moratorium komt op pensioenkortingen en dat we die overtreding van de pensioenregels witwassen door de fondsen via een kunstmatig hoge rekenrente vol lucht te blazen.

Het is een kortzichtig en roekeloos voorstel. Stel dat de crisis lang duurt, de rente lang laag blijft en de beurzen blijven ‘afwachten’. Dat is niet onvoorstelbaar, de Japanse economie zit al decennia in zo’n situatie. De huidige gepensioneerden hebben dan hun uitkeringen gekregen; dat geld valt niet meer terug te halen. De toekomstige gepensioneerden rest een lege spaarpot. Die gok zou geen politicus moeten willen nemen.

Tenzij zo’n politicus vooral aan de korte termijn denkt en alleen de belangen van de huidige ouderen wil behartigen. Dan is het juist logisch om net te doen alsof er geen crisis is en rustig door te gaan met geld uitkeren. ‘Wij geloven nog steeds dat de mooiste dagen van Nederland voor ons liggen’, schreef Wilders in 2010 in het voorwoord van zijn verkiezingsprogramma. Hij bedoelde waarschijnlijk dat de mooiste dagen van Nederland vlak voor ons liggen, als we nog snel even het spaargeld er doorheen jagen. Crisis of geen crisis. Na ons de zondvloed.

Vanuit dat gezichtspunt zijn ook veel andere sociaaleconomische standpunten van de PVV te begrijpen. Men is tegen iedere vorm van versoepeling van het ontslagrecht, tegen verhoging van de AOW-leeftijd en tegen verlaging van de hypotheekrenteaftrek. Oude rechten mogen niet worden aangetast, ook al zouden jongeren en andere outsiders op de arbeids- en huizenmarkt daarvan flink profiteren.

De gedoogpartner dwingt het kabinet telkens om partij te kiezen voor oud en tegen jong. Het behoud van oude rechten gaat boven hervorming van de economie, behoudzucht boven economische groei. We maken het vermogen van Nederland liever op aan hoge pensioenuitkeringen, langdurige AOW en ongelimiteerde hypotheekrenteaftrek, dan het te gebruiken voor investeringen in de toekomst. We gaan nog één keer feesten, en dan komt het verval.

In 1981 deed een partij mee aan de Kamerverkiezingen die het vaderlandse vermogen ook wilde opsouperen: de Partij Likwidatie van Nederland. Het programma van deze PLN was simpel: we liquideren Nederland en verkopen het hele land aan oliesjeiks. De opbrengst van de boedelverkoop wordt onder alle Nederlanders verdeeld en vervolgens gaan we allemaal rentenieren. De partij kreeg 943 stemmen. We hebben er nooit meer iets van gehoord.

Tijden veranderen. De PVV kreeg bij de laatste verkiezingen in 2010 bijna anderhalf miljoen stemmen. Zo’n uitslag geeft de partij de democratische plicht om verder te denken dan de korte termijn en met meer rekening te houden dan de belangen van de eigen achterban.

Mathijs Bouman is macro- econoom.

De gedoogpartner dwingt het kabinet telkens om partij te kiezen voor oud en tegen jong