Dit zegt de bestuursvoorzitter van NYSE Euronext Amsterdam, Cees Vermaas, bij de aankondiging van de fusie. Na het samengaan van de Amsterdamse beurs met Parijs en Brussel, vervolgens New York en de Londense derivatenbeurs Liffe tot beursbedrijf NYSE Euronext, zou een overname door Deutsche Börse een ‘Europese beurskampioen’ dichterbij brengen.
Het liep anders. De Europese Commissie blokkeerde de fusie deze week. Wat ging er mis? En wat betekent het besluit voor de droom van een grote Europese financiële markt?
Aanbod zette kwaad bloed
Bij het publiek speelden vooral nationale sentimenten een rol. In Duitsland overheerste de angst dat de Amerikanen de macht zouden grijpen na de fusie. De Duitsers kregen dan wel een meerderheidsbelang in de nieuwe holding, de dagelijkse leiding ging naar de Amerikaanse topman van NYSE Euronext, Duncan Niederauer, en zijn kantoor zou in New York blijven.
Dat ondermijnde het beeld van een Europese kampioen nogal. In Nederland zette het aanbod om een deel van de Amsterdamse Optiebeurs te verkopen in ruil voor Brusselse toestemming voor de fusie kwaad bloed.
Opvallend stil
Europese politici hebben zich opvallend stil gehouden over de fusie en het oordeel overgelaten aan de Europese Commissie. Die vond de ‘megabeurs’ te groot en sterk, vooral in de handel van Europese beursgenoteerde derivaten. De derivatendochters van NYSE Euronext, Liffe, en van Deutsche Börse, Eurex, hebben samen ruim 90% van die markt in handen.
De beurzen zelf vinden dat hun derivaten op de Bund en op euribor wereldwijd concurreren met bijvoorbeeld de futures die de Amerikaanse CME verhandelt op de Amerikaanse rente. En met de niet beursgenoteerde rentederivaten die door banken buiten beurzen om worden aangeboden. Zo gedefinieerd krimpt hun marktaandeel naar minder dan 5%.
Gedwongen winkelnering
Brussel heeft ook kritiek op het ‘silomodel’ waar de beurzen voor kozen. Daarbij verzorgt een beurs niet alleen de transactie — het bij elkaar brengen van koper en verkoper — maar ook de achterkant van de handel, het afdekken van tegenpartijrisico (clearing) en administratie van de transactie (settlement). Deutsche Börse gebruikt dit model al en NYSE Euronext wilde zich daarbij aansluiten.
De Commissie vindt dit gedwongen winkelnering, die beleggers op kosten jaagt. ‘De zorg voor onze klanten zat in het businessmodel: de silo’, beaamt bestuursvoorzitter Albert Röell van de KasBank. De fusie van NYSE Euronext en Deutsche Börse had volgens hem geleid tot een monopolie, met het risico dat zijn klanten —zoals Nederlandse pensioenfondsen en effectenhandelshuizen — te veel moeten betalen voor het gebruik van de beurs en de clearing.
Blokkade in Brussel
Maar Brussel heeft dan wel voorkomen dat NYSE Euronext en Deutsche Börse samen een grote ‘silo’ vormen, het gevaar is dat er nu een reeks silo’s naast elkaar ontstaan. De eigen silo van Deutsche Börse staat nog fier overeind. En nu de fusie is mislukt, zal NYSE Euronext hoogstwaarschijnlijk ook kiezen voor een eigen silo (zie inzet). Brusselse wetgeving die daar iets aan doet, kan nog jaren op zich laten wachten.
NYSE Euronext en Deutsche Börse waarschuwen voor fragmentatie van het Europese beurzenlandschap nu hun fusie is mislukt. De marktdefinitie die de Commissie gebruikt sluit een ‘Europese beurskampioen’ uit. Iedere combinatie die een te groot marktaandeel krijgt in de Europese derivaten- of in de aandelenhandel, zal op dezelfde blokkade in Brussel stuiten. NYSE Euronext en Deutsche Börse zullen nieuwe partners dan ook buiten Europa zoeken. De topman van Deutsche Börse, Reto Francioni, die het mislukken van de fusie ‘een zwarte dag voor Europa’ noemde, zou zijn blik al op Azië hebben gericht.
Geen monopolie nodig
In de Europese aandelenhandel zijn nog vier grote spelers: het piepjonge Chi-X Bats, de London Stock Exchange, Euronext en Deutsche Börse. In de derivatenhandel hebben Liffe en Eurex sterke posities, maar het Amerikaanse CME timmert stevig aan de weg met een dochter in Londen. En Chi-X Bats heeft eveneens ambities.
Daarnaast werken de grote zakenbanken aan eigen handelsplatformen voor met name rentederivaten. ‘Maar die fragmentatie te lijf gaan door de Europese nummers één en twee bij elkaar op te tellen is een monopolie’, reageert Röell van KasBank. ‘Je hoeft niet gelijk een monopolie te creëren om een einde aan fragmentatie te maken. Twee, drie sterke partijen die met elkaar concurreren kan ook.’
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.