Bij een banenwissel is het niet altijd gunstig uw pensioenopbouw mee te nemen.
Na tien jaar als jurist bij een bank te hebben gewerkt heeft de 35-jarige Arnold van Hees* een interessante managementfunctie gevonden bij een gemeente. Door zijn banenswitch komt hij terecht in een ander pensioenfonds. Bij zijn oude werkgever heeft Arnold inmiddels € 6500 aan ouderdomspensioen en € 4550 aan partnerpensioen opgebouwd.
Arnold overweegt zijn oude rechten over te dragen naar het nieuwe pensioenfonds, het ABP. ‘Dit is een prima pensioenregeling en ik heb meer vertrouwen in een overheidspensioenfonds. Bovendien vind ik het plezierig om mijn gehele pensioen bij één fonds onder te brengen’, zegt hij. Maar omdat hij zich realiseert dat de keuze — wel of geen waardeoverdracht — grote consequenties kan hebben voor zijn oudedagsvoorziening, wint hij advies in bij Jack van Dongen, onafhankelijk financieel planner en vestigingseigenaar van Your Financials in Raamsdonksveer.
Overstappen niet aan de orde
‘Uw pensioenvermogen verhuizen naar het ABP is nu niet aan de orde’, oordeelt Van Dongen. ‘Waardeoverdracht van en naar pensioenfondsen met een dekkingsgraad onder de 100% is namelijk verboden.’ De dekkingsgraad van het ABP bedraagt op dit moment 94% en is dus te laag. Dit betekent dat ingediende verzoeken worden ‘bevroren’ en pas weer in behandeling worden genomen als de dekkingsgraden voldoende hersteld zijn. Mocht Van Hees van plan zijn over te stappen, dan moet hij dit wel binnen een halfjaar aangeven, waarschuwt Van Dongen.
Hij kijkt of zo’n overstap verstandig is en legt beide pensioenregelingen naast elkaar. Een belangrijk aandachtspunt is het indexatiebeleid. Om de pensioenrechten waarde- of welvaartsvast te houden, laten veel fondsen deze jaarlijks meestijgen met de prijs- of looninflatie. Maar sinds de economische crisis is dat niet altijd mogelijk. Zo ook bij het ABP, dat de pensioenrechten in 2010, 2011 en 2012 niet heeft geïndexeerd. De laatste keer dat indexatie plaatsvond was in 2009. Toen werden de pensioenen met 0,28% verhoogd.
Het pensioenfonds van de bank heeft al die jaren wel geïndexeerd: in 2009 met 1,9%, het jaar erna met 0,8% en in 2011 met 0,96%. En het interessante is dat in deze pensioenregeling de indexatie ook geldt voor ‘slapers’. ‘Als u uw pensioenvermogen bij dit fonds achterlaat, stijgt dat dus ook mee’, aldus Van Dongen.
Voordelen voor slapers
De adviseur wijst erop dat dit niet voor elke pensioenregeling geldt. ‘Er zijn ook fondsen die alleen de pensioenrechten van actieve deelnemers indexeren.’ Op basis van deze indexatie zou het ouderdomspensioen van Van Hees bij het ABP de afgelopen vier jaar zijn gestegen naar € 6518 en bij de bank naar € 6740. Dat is een jaarlijks verschil van maar liefst € 222.
Het pensioenfonds van de bank heeft nog meer voordelen voor slapers, stelt Van Dongen. Zo mag Van Hees kiezen of hij zijn pensioen eerder of later wil laten ingaan. Ook is het mogelijk het opgebouwde partnerpensioen uit te ruilen voor extra ouderdomspensioen of omgekeerd. Dat laatste is geen overbodige luxe. Bij de pensioenregeling van de bank is het nabestaandenpensioen op opbouwbasis verzekerd.
Dit betekent dat dit potje ook gehandhaafd blijft als Arnold uit dienst treedt. Bij zijn nieuwe werkgever begint hij opnieuw met een nabestaandenpensioen. Dit nabestaandenpensioen is echter op risicobasis verzekerd, waardoor op dit vlak een tekort ontstaat. Dit zou hij kunnen opvangen door een deel van zijn ouderdomspensioen om te zetten in partnerpensioen. Het ouderdomspensioen wordt hierdoor echter wel lager. Van Hees besluit op basis van alle informatie zijn pensioenrechten toch bij het fonds van zijn oude werkgever achter te laten
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.