Wetenschappers discussiëren 14 jaar na het Kyotoverdrag nog steeds over de vraag of, en in welke mate, het gebruik van steenkool, olie en gas leidt tot opwarming van de aarde. De potentiële gevolgen van klimaatverandering zijn groot: overstromingen, droogte, hongersnood.
Nu de schuldencrisis de wereldeconomie in haar greep heeft, is de animo om geld uit te trekken voor het klimaat minimaal. Klimaatbeleid kost immers honderden miljarden. De Verenigde Staten weigeren akkoord te gaan met het vullen van een klimaatfonds. Opkomende economieën als China zullen de kar niet trekken als de VS niet meedoen.
Loopgravenoorlog aanpak
Terwijl wetenschappers steggelen over de feiten, verzanden politici in een ideologische loopgravenoorlog over de aanpak van het klimaatvraagstuk. Links pleit voor grootschalige investeringen, rechts wacht liever af. Links verwijt rechts dat ze het lot van miljoenen mensen in de waagschaal stellen, rechts verwijt links dat ze miljarden onnodig over de balk willen gooien.
Het klimaatdebat moet uit de ideologische hoek worden gehaald. Dat kan ook, want er is een dwingende strategische en economische reden om te stoppen met het gebruik van fossiele brandstoffen als steenkool en aardolie.
Aanbod wordt minder
Fossiele brandstoffen zijn eindig. Hoewel oliemaatschappijen nog steeds nieuwe olie- en gasvelden ontdekken, wordt het aanbod op termijn onvermijdelijk minder. Het is in het belang van overheden en bedrijven dat vraag en aanbod op de energiemarkt in balans blijven, ook op lange termijn. Een energiesysteem dat drijft op olie en gas biedt die balans niet.
Er zou daarom een energieconferentie moeten worden georganiseerd, waar de wereldpolitiek in samenspraak met het bedrijfsleven besluiten neemt over de effectiefste en efficiëntste manier om alternatieve energiesystemen in gebruik te nemen.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.