Op eigen benen staan is er voorlopig niet bij. Alleen met een uiterste krachtinspanning van de Grieken zelf is er uitzicht op herstel en redding. Maar dan zijn we zomaar tien jaar verder.
De vraag of het land dat volhoudt, is eigenlijk al beantwoord. Alle mooie woorden die er ook in de vroege uren van dinsdagmorgen aan gewijd werden, konden niet verhullen dat het vertrouwen in een goede afloop bij de Europese ministers van financiën flinterdun is. Wie de verbijsterende houdbaarheidsanalyse van de Griekse schuld leest, kan hun dat moeilijk kwalijk nemen.
Daarmee rijst eens temeer de vraag waarom Europa reddingspakket op steunpakket stapelt om een faillissement te voorkomen dat in de normale wereldeconomie onontkoombaar was geweest. En dat het land dubbel en dwars had verdiend. Het is alleen het politieke moederinstinct om de relatief prille euro geweest dat de krachten heeft verenigd.
Europa krijgt greep op de crisis, die een louterende uitwerking heeft op het economisch bestuur onder het motto: nooit meer Griekenland. Er is een indrukwekkend nieuw knevelmodel neergezet om begrotingen in het spoor te houden. En dankzij de Europese Centrale Bank lijkt de eurozone een nieuwe kans te krijgen om haar bestaansrecht daarmee te bewijzen.
Daar hoort bij dat de eurozone haar eerste kolonie, zoals Griekenland al wordt aangeduid, stevig bestuurt. Maar die curatele wringt ook met de democratische beginselen. Daarom aan Griekenland de existentiële keuze: erin of eruit. Eruit is op korte termijn rampzalig. Maar kiest het voor de eurozone, dan betalen de Grieken tot 2030 een zeer hoge prijs.
Vraagtekens plaats ik bij de effectiviteit van het indrukwekkende nieuwe knevelmodel om begrotingen in het spoor te houden. De tijd zal ons dit snel leren !