Een sterkere EFSF is een van de pijlers onder een allesomvattend plan waarmee Europese leiders het hoofd willen bieden aan de ergste crisis sinds het bestaan van de Unie, zo blijkt uit gesprekken met bronnen in de financiële wereld en op basis van signalen uit Europese hoofdsteden.
Omdat de garantie veel minder dan 100% van de hoofdsom wordt, kan het fonds voor meer financiering zorgen dan de € 440 mrd die erin zit. Bankiers zeggen al langer dat de financieringsbehoefte van zwakke eurolanden veel groter is. Dankzij de garantie, zo is de gedachte, durven banken en pensioenfondsen weer te beleggen in staatsobligaties uit deze landen.
Herstructurering Griekse schuld
Een sterkere EFSF is ook nodig om een dam op te trekken rond Italië en Spanje en deze landen daarmee te behoeden voor speculatieve aanvallen van de financiële markten. De markt twijfelt de laatste maanden steeds heviger aan de kredietwaardigheid van deze grote eurolanden. In ruil voor steun uit het noodfonds moeten de zuidelijke eurolanden hun verzet opgeven tegen strengere begrotingsdiscipline, bijvoorbeeld met de benoeming van een speciale eurocommissaris.
De derde pijler is een herstructurering van de Griekse schuld. Daarbij krijgen bezitters van Grieks staatspapier nog maar circa de helft van hun geld terug. Om ervoor te zorgen dat bankbalansen een dergelijke afwaardering kunnen incasseren, wordt als volgende pijler aangestuurd op een herkapitalisatie van het Europese bankwezen. Bondskanselier Merkel en de Franse president Sarkózy kondigden die zondag al aan.
Top uitgesteld tot 23 oktober
Eind oktober moet duidelijk zijn hoe groot deze extra buffer moet zijn, of alle Europese banken verplicht mee moeten doen en of zij zelf kapitaal uit de markt moeten ophalen of dat overheden hun te hulp schieten. Maandag werd duidelijk dat EU-voorzitter Herman Van Rompuy de top van de eurolanden heeft uitgesteld tot 23 oktober. Hiermee hebben regeringsleiders meer tijd om een steunplan voor de banken uit te werken. Ook zal er nog voor de top een bijeenkomst gehouden worden met de ministers van Financiën. Volgens Van Rompuy is er zo meer tijd om de strategie nader uit te werken. Daarmee groeit de kans dat het tweede Griekse noodplan van 21 september opgaat in een algehele oplossing voor de crisis.
Een van de problemen van veel Europese banken is dat ze niet aan financiering kunnen komen op de kapitaalmarkten. Financieel bestuurder Bert Bruggink van Rabobank 'zou het toejuichen' als banken net als in 2009 obligaties kunnen uitgeven met overheidsgarantie. Rabo heeft dat zelf niet nodig: gisteren haalde de bank probleemloos met een zevenjarige obligatie € 1,5 mrd uit de markt.
Vervangen lopende noodsteunprogramma
Bovendien stallen bedrijven en beleggers spontaan miljarden bij de bank met de AAA-rating. Omdat dat geld met een korte looptijd is, is het nauwelijks bruikbaar voor kredietverlening. Bruggink plaatst het daarom bij centrale banken: daar heeft Rabo inmiddels € 75 mrd geparkeerd. Rabobank is in zijn eentje goed voor een vijfde van de € 255 mrd die Europese banken bij de Europese Centrale Bank hebben gestald.
Onderdeel van de Griekse herstructurering die nu op tafel ligt, is het vervangen van het lopende noodsteunprogramma, dat tot mei 2013 duurt, door een langjarig nieuw uitgebreider herstelprogramma. Een meerjarig programma is nodig zodat Athene voorlopig niet meer naar de markt hoeft voor financiering. In pakweg vijf jaar kunnen de Grieken dan werken aan de opbouw van hun verzwakte land en dito concurrentiepositie.
Bijdrage van banken zijn heikele punten
Het land krijgt assistentie van de Europese Unie om steviger instituties op te bouwen, zoals een effectieve belastinginning en anticorruptiemaatregelen. De Europese Unie heeft veel ervaring met dergelijke assistentie toen voormalige Oostbloklanden moesten worden klaargestoomd om lid te worden van de EU.
Heikele punten in het plan zijn de bijdrage van banken, zowel aan de Griekse herstructurering als aan de hefboom van het noodfonds EFSF. De Europese Centrale Bank is tegen het laten meebetalen van banken aan de Griekse redding. Evenmin ziet Frankfurt een rol voor zichzelf weggelegd als hefboom in de EFSF. Ook Duitsland, het machtigste euroland, ziet niets in een quasipolitiek mandaat voor de onafhankelijke bank der banken.
Evenmin is onzeker of eurolanden meer kapitaal storten in de EFSF. Duitsland is tot nu toe fel tegen. Ook de Nederlandse regering heeft altijd verklaard geen voorstander hiervan te zijn, tenzij het onderdeel is van een alomvattende oplossing. Nu zit er € 440 mrd in het fonds. Deskundigen menen dat dit bedrag vier of vijf keer zo groot zou moeten zijn om de financiële markten te overtuigen dat de euro koste wat kost gered wordt.
Naast Malta is Slowakije het laatste euroland dat nog moet instemmen met de fondsversterking. De Slowaakse premier stelde hierover gisteren de vertrouwenskwestie in zijn coalitie.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.