Dat zegt Henk Volberda, hoogleraar strategisch management aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, in reactie op de innovatieaanpak van het kabinet.
Maandag werden de innovatieplannen van negen ‘topsectoren’ gepresenteerd. Het kabinet wil innovatie bevorderen door bedrijven meer te laten samenwerken met kennisinstellingen. Het trekt voor innovatie € 1 mrd uit in 2012. Dat bedrag loopt op naar € 1,5 mrd in 2015. Ongeveer de helft daarvan komt beschikbaar via verschillende fiscale aftrekregelingen.
Slag om publieke gelden
Volberda, die zelf in een tiende ‘topteam’ zit dat zich buigt over de vraag hoe meer hoofdkantoren aan te trekken, is enthousiast over de vraaggestuurde aanpak waarbij bedrijven van onderaf inbreng leveren. Maar hij vreest een slag om de publieke gelden. ‘Een beetje competitie tussen de sectoren is niet verkeerd. Maar het kan ook leiden tot frustratie, als bedrijven achter het net vissen.’
Bovendien is innovatie volgens Volberda geen kwestie van alleen meer geld, maar van beter organiseren. Sociale innovatie noemt hij dat. ‘Veel innovatie-uitgaven renderen te weinig. Elke euro die een bedrijf investeert in R&D levert nu gemiddeld € 2,20 op aan omzet van nieuwe producten en diensten. Door zaken slimmer te organiseren, en een andere leiderschapsstijl, kan dat rendement zeker twee keer zo hoog liggen.’
Informeel, lenig en plat
Bij sociale innovatie gaat het erom het bedrijf informeel, lenig en plat te houden, te investeren in werknemers en open te staan voor hun inbreng. Te vaak nog, zegt Volberda, denkt men innovatie te kunnen afdwingen door hogere bedragen uit te geven aan technologie. Ook kijken bedrijven naar zijn smaak te veel naar Den Haag.
Uit de Innovatie Monitor, een onderzoek onder 11.000 Nederlandse bedrijven dat Volberda uitvoerde met collega Justin Jansen, blijkt dat ‘sociaal innovatieve’ bedrijven beter presteren op innovatie, productiviteit en groeiend marktaandeel. Ook investeren ze meer dan twee keer zoveel in R&D.
Randstad
Als goed voorbeeld noemt hij uitzender Randstad. ‘Dat heeft zelf geen innovatiebudget. Maar een nieuw uitzendconcept, waarbij Randstad personeelszaken voor bedrijven uitvoert, levert veel toegevoegde waarde op. Of neem zaadveredelaar Incotec. Daar bedacht een werknemer dat met röntgenfoto’s de kiemkracht van zaad goed gemeten kan worden.’
Volberda vindt de omslag van innovatiesubsidies naar fiscaal voordeel een goede zaak. Ook is hij positief over het dichten van de kloof tussen bedrijfsleven en wetenschap. De ‘innovatie-paradox’ kan zo worden vermeden: hoge uitgaven aan kennisvermeerdering, die vervolgens zijn weg niet vindt naar het bedrijfsleven.
Zie ook hier.