Schippers moest een einde maken aan het hybride karakter dat de zorgsector thans kenmerkt: enerzijds het publieke kader waarbinnen de sector door de politiek is geplaatst en anderzijds de vraag van diezelfde politiek aan de spelers in het veld om marktgedrag te vertonen.
Handen en voeten gebonden
De vraag van die spelers is dan: hoe kan de minister marktgedrag van ons verlangen als we aan handen en voeten gebonden zijn aan publieke wet- en regelgeving?
Een terechte opmerking, maar een vraag die we de komende jaren kunnen blijven stellen. Een hybride karakter hoort nu eenmaal bij een sector die geliberaliseerd wordt. Zou de zorgsector geprivatiseerd worden, dan wijzigt de sector van kleur en krijgt in het algemeen met minder overheidsregels te maken. Maar ook in een geprivatiseerde sector - wat de zorgsector niet is - blijft vaak de publieke context van waaruit geprivatiseerd werd voelbaar. Voorbeelden hiervan zijn in Nederland de elektriciteitssector, het loodswezen en vele andere privatiseringsoperaties in het buitenland, zoals tolwegen in Frankrijk.
Niet altijd de goede prikkels
Bij liberaliseren wordt binnen het publieke domein gezocht naar mogelijkheden om op specifieke onderdelen enige competitie te bewerkstelligen en marktgedrag uit te lokken. Bij zo'n operatie gaat de overheid ervan uit dat die competitie leidt tot een verhoging van de efficiency van die sector en dat deze een kwaliteitsimpuls zal geven. Een betere prijs-prestatieverhouding dus.
Niet vaak zijn overheden en politici ruim bekend met de wijze om marktgedrag te stimuleren - vele volksvertegenwoordigers hebben geen marktervaring - en dus worden niet altijd de goede prikkels gegeven. Voor het veroorzaken van marktgedrag binnen het publieke domein is namelijk vooraf een goede onderbouwing vereist welke prikkels welk gedrag kunnen veroorzaken. Die oefening vindt zelden plaats. Daarin zit ook in de zorgsector het probleem: onvoldoende wordt de relatie gelegd tussen maatregel en beoogd effect van die maatregel. Vooral dat gebrek aan inzicht leidt tot irritatie bij de spelers in het veld. Soms kan de praktijk niet aan de theoretische verwachtingen voldoen. Met voldoende analyse vooraf is daaraan veel te verbeteren. Het zal de verdere liberalisering van de sector ten goede komen.
Veel aanvullende wet- en regelgeving
De oorzaak van het hybride karakter van een liberaliserende sector is het feit dat de politiek het nodig blijft vinden -en voor een deel terecht - om het beoogde marktgedrag te kunnen blijven beinvloeden. Ze wil ingrijpen als het te ver gaat of niet ver genoeg. Dit ingrijpen leidt in het algemeen tot veel aanvullende wet- en regelgeving. Recent onderzoek van de Universiteit van Utrecht bevestigt deze regeldruk: vanaf de start van de liberaliseringsoperatie in de zorgsector is het aantal wetsartikelen voor die sector met 230% gestegen. Dat is extreem veel vergeleken met andere binnen- en buitenlandse operaties.
Afgelopen juli heeft de minister een convenant gesloten met de spelers in de ziekenhuissector. Het beoogt meer prijsvrijheid aan die spelers te geven in combinatie met een gevraagde efficiencyslag. Het beslag van de ziekenhuizen op het macrobudget mag niet verder uit de hand lopen. Je zou denken dat de verzoeken om vermindering van het hybride karakter van de sector nu zijn ingewilligd. Niets is echter minder waar.
Spelregels
Met de verdere liberalisering van de sector als gevolg van genoemd convenant zullen de spelregels waarschijnlijk niet afnemen, maar toenemen. Het is de consequentie van een liberaliseringsoperatie in het overheidsdomein. Als spelers in het veld daar niet mee kunnen omgaan, wordt het moeilijk het spel te spelen. Enig publiek besef is wel nuttig.
Paul Baks is partner BMC Advies en Management.
Reacties
Om te kunnen reageren op artikelen dient u ingelogd te zijn.
Nog geen abonnee? Registreer gratis of bekijk onze abonnementen.